Preken

Hieronder kunt u de meest recente preken nalezen die Vader Paul Brenninkmeijer voor onze gemeenschap hield.

Preek Pasen  (17 april 2017)

Bij de Joden wordt met Pasen het Bijbelse Hooglied  gezongen. Het lied der liederen zoals het letterlijk in het Hebreeuws heet is een dichtbundel waarin de liefde tussen een jongen en een meisje, een bruidegom en een bruid wordt bezongen. Het wordt aan koning Salomo toegeschreven, en het is altijd gezien als een symbool van de Liefde van God voor ons mensen. Het is veelzeggend dat het Hooglied als liefdesgedicht in de Bijbel is opgenomen. Het bevat de boodschap dat liefde tussen twee mensen een uitbeelding is van de liefde van God zelf. Ja, het wil zeggen dat God ons mensen lief heeft even hartstochtelijk en teder, even verrukkelijk en ontroerend als een verliefd stel. En daarmee heeft de liefde tussen twee mensen die zielsveel van elkaar houden iets heiligs, als iets van God zelf, God die juist in hun liefde aanwezig komt. Een liefde ook die de ander nooit wil loslaten. En omwille van deze liefde wordt God bruidegom genoemd en is zijn volk Israël zijn bruid.

Het Hooglied is vol van lente, vogels zingen, duiven koeren. De heerlijkste geuren komen op je af. Juist met Pasen beleeft de gelovige gemeente hoe intens God zijn mensen liefheeft. Pasen is immers het feest niet alleen van lente maar ook van bevrijding. God bevrijdt zijn geliefde mensheid uit alles wat terneer drukt en beknelt en Hij wil dat zijn volk tot volle bloei komt. Mijn lief, mijn volk: welkom in de ruimte van de liefde.
Voor ons christenen is Christus de bruidegom. En wij, zijn kerk, zijn de bruid. Niet voor niets wordt het huwelijk in de kerk sacrament genoemd. Gods woord is  vlees geworden, zoals we net hoorden. En daardoor wordt het aardse gehumaniseerd en geheiligd, wordt de liefde geheiligd. En bijzondere heiligen, mystici beschreven hun relatie met Christus onbevangen in erotische beelden. Zoals  Hadewych, Teresia van Avila en Johannes van het Kruis.

In het paasverhaal van de evangelist Johannes is Maria Magdalena symbool van de kerk als de geliefde uit het Hooglied. In het Hooglied wordt bezongen hoe de bruid wanhopig op zoek is naar de bruidegom. Zo is Maria Magdalena op zoek naar haar geliefde Christus, nadat zij het graf leeg heeft aangetroffen. En dan vindt zij Hem in die verrukkelijke lentetuin. Zij denkt eerst dat het de tuinman is totdat Hij haar naam roept: Maria, en Maria wil hem dan vastpakken. Maar de liefste is geen bezit. Wil ze hem vastgrijpen, dan ontglipt hij haar. ‘Raak me niet aan’, schrijft de evangelist Johannes met het Hooglied in gedachten. Maria Magdalena zou haar lieve Heer het liefst mee willen nemen. Maar dat kan niet.

Wij die zijn bruid de kerk zijn, zien Hem niet. Wij weten Hem alleen door geloof dichtbij. Maar dat geloof maakt ons wel enorm blij. Het is de vreugde van dit Paasfeest. Christus is Verrezen!
Staat er in het Hooglied niet: sterk als de dood is de liefde. We kunnen nu zeggen: sterker dan de dood is de liefde. Liefde heeft de dood overwonnen. De liefde van Christus is niet ten onder gegaan en zo is Hij ook nu bij ons. Hij heeft ons hartstochtelijk lief. Door de sacramenten geeft Hij ons telkens weer opnieuw een kus. In de doop zijn wij met Hem bekleed, zo lichamelijk dichtbij, in de Eucharistie verenigt Hij zich met ons door van Hem te eten en te drinken. En zo wordt ook onze onderlinge liefde versterkt.

Het geval wil dat wij vandaag een bruidspaar in ons midden hebben: Josi en Sent de Boer. Zij leven burgerlijk getrouwd met elkaar en met hun kinderen Kimberley en Marc. Na afloop van deze viering mag ik voor hen een zegengebed uitspreken. Ik ken hen van de bijbel-gespreksgroep in IJsselstein die al heel wat jaren maandelijks bij elkaar komt. Ik weet van hun lief en leed en ook hoe zij zelf de liefde van God en Christus zoeken en beleven en hoe zij vanuit hun onderlinge liefde hun hart heel gastvrij openen voor allerlei mensen, vaak jongeren die zij in hun huis opvangen. Voor hen is het nu helemaal een feest van liefde.
Laat voor ons allemaal deze Paasviering een feest van liefde zijn en met vreugde na afloop genieten van het Pascha en ander lekkers en genieten van ons samenzijn met elkaar: Christus is Verrezen. Ja waarlijk Verrezen!

 

Derde zondag van de vasten (19 maart 2017)

In verband met de extra lange duur van de viering – vanwege de Kruisverering voorafgaand aan, en de Litia volgend op de Goddelijke Liturgie – hield vader Paul deze zondag geen preek.

 

Preek op Zondag van het afscheid van vlees (19 februari 2017)

In deze tijd van Voor-vasten is het de zondag van het afscheid van het vlees en van het laatste oordeel. Op vakantie zag ik eens in Florence het baptisterium, de grote doopkerk bij de Dom. In een immens grote koepel is de hele schepping in fonkelend mozaïek uitgebeeld, met in het midden de  tronende Christus als wereld-rechter. Ik raakte daarover in gesprek met een joodse vrouw en hoewel Christus voor haar een andere betekenis heeft dan voor mij wisten we allebei: wij mensen leven hier op aarde  niet zomaar. Er is een laatste waarheid en ons leven is aan het oordeel van die waarheid onderworpen. Een waarheid die uitstijgt boven elke waarheid die wij bij onszelf op ons eentje koesteren. Wij leven in een tijd waarin mensen steeds meer hun eigen rechter willen zijn. Onafhankelijk van welke instantie dan ook, willen mensen bepalen wat hen zelf goed en juist lijkt en zo zoeken moderne mensen ook spiritualiteit. Het wordt dan een schrikbeeld om afhankelijk te moeten zijn, en men durft nauwelijks de eigen broosheid en kwetsbaarheid onder ogen te zien. Laat staan de eigen gebrokenheid en morele gebrekkigheid.
Het gevaar is dat ieder dan opgesloten raakt in zijn eigen zelfgenoegzaamheid, en dat leidt tot een grote eenzaamheid.

Maar gelukkig zijn wij mensen ook geschapen met gevoel. En gevoelens helpen ons om met andere mensen mee te voelen. Het helpt ons om ons open te stellen voor de kwetsbaarheid van hulpbehoevendheid van andere mensen. Het met andere mensen mee te kunnen voelen maakt ons pas echt menselijk. En die menselijkheid mag niet worden opgeofferd aan het ideaal van onafhankelijk te willen zijn.
In het evangelie van vandaag horen wij hoe ons leven onder een oordeel valt. Hoe onze daden uiteindelijk gewogen zullen worden.
En het criterium is in hoeverre we zijn ingegaan op de nood van andere mensen die wij in hun kwetsbaarheid hebben ontmoet. Waar komt het echt op aan komt in ons leven? Heb je die vreemdeling opgenomen? Heb je die naakte gekleed, die zieke of gevangene bezocht? “Wat ge de minste der mijnen hebt gedaan hebt ge aan Mij gedaan”.

U kent misschien wel het verhaal van dat vrouwtje dat vol boosheid en kwaadaardigheid geleefd had en in de hel terecht kwam. Maar toen herinnerde een engel zich dat ze ooit een ui had weggegeven aan een arme sloeber, en die ui zou haar nu kunnen redden. Een engel reikte haar een ui en ze greep die vast om zo uit de hel opgetrokken te kunnen worden. Maar er waren anderen die ook in de hel zaten en die grepen dat vrouwtje bij haar kleren vast om mee opgetrokken te worden, maar toen trapte dat vrouwtje die andere stakkers van zich af en op dat moment liet de engel de ui met het vrouwtje los. Haar boos-aardigheid waarmee ze de anderen geen redding gunde verhinderde dat zijzelf gered werd.

Het gaat om daden van menselijkheid, van het je niet beter achten dan anderen en het gaat erom dat je ook anderen hun redding niet weigert. En ja, dan is er nog iets. Ik denk dat dit evangelie vooral ook een waarschuwing is. Een waarschuwing voor alle tijden. Zelfs vrome mensen kunnen zo opgaan in hun vroomheid, dat hun medemens erdoor vergeten raakt. Natuurlijk leert Jezus dat we God moeten liefhebben, maar dit liefhebben van God verbindt Hij in één adem met de liefde tot de medemens.

Zoals gezegd zoeken mensen ook vandaag naar een spiritualiteit die henzelf bevalt. Ze kunnen er zelfs in zwijmelen. Er is een heel rijk aanbod van yoga, zen en kloosterweekends. Maar de God van de bijbel kan ons juist losrukken uit onze vrede, want God verschijnt ons soms ongelegen in de arme, de vreemde, de zieke of lijdende die bij ons aanklopt en die ons in onze verheven rust stoort. Grote heiligen, echte mystici hebben altijd gewaarschuwd: God is ook te vinden tussen de potten en de pannen, zei de H. Teresia van Avila, en de H. Teresia van Lisieux verliet haar bidcel en sloofde zich uit voor haar medezusters toen die ziek waren en was gewoon lief en zorgzaam voor ze. En zo leert Jezus ons vandaag dat het echt spiritueel is om open te staan voor een ander mens in zijn nood.

 

Preek op de 30e zondag na Pinksteren (15 januari 2017)

Het leven van ons mensen wordt voor een heel groot deel bepaald door de economie. Onze regering is blij dat we uit een diep dal zijn geraakt en onze economie weer vooruitgaat. Maar voor veel mensen blijft de onzekerheid: over hun werk, of over hun inkomen, of pensioen. In onze maatschappij hier in het Westen worden rijke mensen alleen maar rijker, maar armen armer, en ook de middenklasse gaat er nauwelijks op vooruit. Vroeger kon een gezin leven van het inkomen van een enkele persoon, meestal de man die de kost verdiende. Nu moeten ouders beide werken. Het is hard pezen om rond te komen en ook de kinderen een goede toekomst te geven.

Wat moeten we dan aan met de boodschap van het evangelie van vandaag? Daar zegt Jezus tegen een rijke man: verkoop alles wat je bezit, en volg mij, dan zul je het ware geluk, het eeuwig leven vinden. Maar de rijke man kan dit niet opbrengen. Velen van ons zullen zich hierin herkennen: het is nog al wat: al je bezit wegdoen! Wie van ons is daar toe in staat? Misschien als je helemaal alleen bent en verder geen verplichtingen hebt naar andere mensen toe.
De Heilige Antonius de Grote deed het in elk geval wel. Op 17 januari, a.s. dinsdag is het zijn feestdag.  Hij leefde in Egypte in de 3e eeuw. Geboren uit welgestelde ouders verkocht hij heel zijn bezit en trok zich terug voor een leven van gebed in een eenzame grot in de woestijn. Na enige tijd vormde zich een groep leerlingen om hem heen. Antonius heeft door zijn eenvoud en wijsheid een onvergetelijke indruk gemaakt.

In 2011 was ik in Egypte, het was er onverwachts heel onrustig door de opstand tegen Moebarak, die net gebeurde toen we halverwege onze reis waren. Onze reisgroep was er door geraakt en behoorlijk onrustig. We konden geen geld pinnen en we wisten niet wanneer we naar Nederland terug konden vliegen. Toen kwamen we bij het klooster van de H. Antonius en we klommen naar de grot waar hij geleefd had, en waren diep onder de indruk van de stilte daar. In het klooster maakte ik ’s nachts de metten mee met het ritmische steeds herhaald gezang van de monniken, een paar uur lang. Langzaam stroomde de spanning uit mijn lijf weg. Het was alsof er tegen mij gezegd werd: “Heb vertrouwen. Maak je los van je eigen sores en bid vooral voor de arme mensen in Egypte die hun dagelijks brood nauwelijks kunnen betalen”. Dat was de boodschap die ik in die stilte kreeg.

Beste mensen, ook vandaag, in deze liturgie wil Jezus bij ons zijn in de intimiteit van onze ziel: “Zie ik sta aan de deur en klop, doe Mij open en laat Mij bij je binnen dan zullen wij maaltijd houden, jij en ik”. En: “komt allen tot Mij die belast en beladen zijt, en Ik zal jullie verkwikken”. Buiten is de drukke wereld met al zijn materiële zorgen. Binnen is Hij, met zijn troost. Zo meteen wordt er gezongen: laat ons alle aardse zorgen van ons afzetten om de Koning te ontvangen. Moge Hij ons dan ons hart openbreken voor zijn liefde en ons met liefde voor onze medemensen vervullen. Je aardse zorgen loslaten. Misschien dat we dan toch wat anders aankijken tegen het gewone leven met alle materiële eisen.
Ik zag een uitzending op de TV over winkels waar je enorm goedkoop allerlei spullen voor enkele euro’s kan kopen, prijsvechters worden ze genoemd. Een uitkomst voor wie weinig te besteden heeft, maar een verlokking voor vele anderen. Het zijn wel spullen die in China geproduceerd worden zodat in onze landen de maakindustrie het heel moeilijk heeft. Met als gevolg nog meer werkloosheid hier. Paus Franciscus doet in zijn encycliek over het milieu Laudate Si een oproep om goed na te denken voordat je iets koopt. Beter eerst sparen voor een degelijk en duurzaam product, dan dingen kopen die met vervuiling van het milieu te maken hebben en heel gauw weer kapot gaan. We leven in een wegwerpcultuur en dat houdt geen rekening met de werkelijke waarde van de dingen. Ook moet je je afvragen: heb ik dit of dat wel werkelijk nodig, of laat ik me meeslepen in de consumptiedrang?
We kunnen de oproep van Jezus om heel je bezit weg te doen niet opvolgen, maar het zet ons wel aan het denken.